Iets verkeerds gegeten?

Honden en katten kunnen wel eens iets opeten waar ze niet tegen kunnen. Dit kan een voorwerp zijn, medicatie van de eigenaar of iets onbekends wat ze op straat hebben gevonden. In veel gevallen kan het dan verstandig zijn om uw dier te laten braken.

Vroeger werd geadviseerd om een schep keukenzout in de bek te geven. Zout irriteert het maagslijmvlies waarna het dier moet braken. Sinds enkele jaren weten we echter dat het ook zeer gevaarlijk kan zijn! Niet elk dier moet braken door het zout waarna de gehele hoeveelheid zout door het lichaam wordt opgenomen. Maar ook als een dier wel braakt kan er een gevaarlijke hoeveelheid zout in het lichaam achterblijven. Wanneer dit in het maagdarmstelsel wordt opgenomen kan een zoutvergiftiging ontstaan, wat vooral in de hersenen voor problemen kan zorgen. Vooral het natrium uit keukenzout is gevaarlijk.

Na inname van een grote hoeveelheid zout krijgt een dier eerst maagdarmklachten als een slechte eetlust, braken en diarree. Daarnaast kunnen er zweren en bloedingen in het maagdarmstelsel optreden. De klachten kunnen vervolgens leiden tot uitdroging, suikertekort ('hypo'), verzuring en shock. Wanneer de concentratie van natrium in het bloed stijgt trekt dit vocht aan vanuit de weefsels. Dit kan leiden tot vochtophopingen, onder andere in de longen. Wanneer de concentratie van natrium ook in de hersenen stijgt veroorzaakt dit uitdroging van de hersencellen, hersenbloedingen en herseninfarcten. Hierdoor ontstaan neurologische verschijnselen als rusteloosheid, prikkelbaarheid, sloomheid, spiertrekkingen, epileptische aanvallen en een verhoogde lichaamstemperatuur. Daarnaast kunnen verschijnselen als veel drinken en veel plassen, spiertrillingen, overstrekken van ledematen, spierstijfheid, verhoogde ademhaling, verhoogde hartslag en hartritmestoornissen optreden. Uiteindelijk raakt het dier in coma waarna het kan overlijden.

Het meest gevaarlijke van een zoutvergiftiging is de snelheid waarmee de concentratie van natrium in het bloed stijgt. Een acute zoutvergiftiging leidt meestal tot de dood. De dodelijke dosis van zout is ongeveer 3,7 gram per kilogram lichaamsgewicht. Verschijnselen kunnen echter al optreden bij 1,9 gram per kilogram lichaamsgewicht. Met name kleine honden zijn dus erg gevoelig.

Gelukkig is er een injectie beschikbaar die uw dier op een veilige manier kan laten braken. Indien uw dier iets verkeerds heeft opgegeten kunt u het beste zo spoedig mogelijk contact opnemen met uw dierenarts. Het is namelijk noodzakelijk om uw dier zo snel mogelijk te laten braken, omdat de maag zich elke 3 tot 4 uur leegt. Als de maag zich eenmaal heeft geleegd kan de opgenomen stof namelijk niet meer worden uitgebraakt. Uw dier wordt eerst onderzocht en indien nodig en mogelijk zal uw dier een injectie krijgen om braken op te wekken. Afhankelijk van de opgenomen stof krijgt uw dier daarna nog medicatie mee om eventueel achtergebleven gifstoffen te binden.

Soms is het juist niet verstandig om een dier te laten braken. Bijvoorbeeld als uw dier een scherp voorwerp of bepaalde alkalische of etsende stoffen heeft binnengekregen. Uw dierenarts bepaalt dan of uw dier bijvoorbeeld actieve kool of paraffine zal moeten innemen. In andere gevallen wordt u verwezen naar een specialistische kliniek, bijvoorbeeld om een scherp voorwerp met een endoscoop te verwijderen.

Röntgenfoto van een ring in de maag van een hond