Kennelhoest

Bij kennelhoest is sprake van een keelontsteking. Het wordt veroorzaakt door diverse virussen en bacteriën, die gemakkelijk van dier op dier worden overgedragen. Het komt dus vooral voor wanneer honden met elkaar in contact komen; in kennels en pensions, in het park of bij uitlaten door een hondenuitlaatservice.

De ziekte ontstaat doordat een virus het slijmvlies van de keel binnendringt en het beschadigt. Vaak gaat dit ongemerkt voorbij, maar soms verergert de ontsteking doordat er bacteriën bij komen. Deze ontsteking geeft wel klachten en kan zich uitbreiden vanuit de keel naar de diepere luchtwegen. De hond kan zo een longontsteking oplopen en ernstig ziek worden.

De meest voorkomende ziekteverwekkers zijn het canine parainfluenza-virus (CPI) en canine adenovirus type 2 (CAV2). Van de bacteriën komt Bordetella bronchiseptica het meest voor. Dit zijn gelukkig ook de ziekteverwekkers waartegen we kunnen vaccineren.

Bordetella Bronchiseptica en canine parainfluenza-virus

Verschijnselen

  • Droge hoest. Hoe vaak en hoe heftig verschilt per hond. Het kan soms lijken alsof er iets in de keel zit.
  • Kokhalzen of braken. Soms moet de hond zo hard hoesten dat hij moet kokhalzen of wat slijm opgeeft.
  • Koorts. De normale temperatuur van uw hond ligt tussen 38 en 39 graden. Vanaf 39,5 graden is er sprake van koorts.
  • Algehele malaise. Uw hond voelt zich niet lekker: hij wilt niet meer eten of is sloom.

Meestal vallen de verschijnselen snel op, met name het hoesten. Sommige honden laten echter minder duidelijke verschijnselen zien. Als u één van de verschijnselen opmerkt of u twijfelt, maak dan gerust een afspraak ter controle.

Diagnose
Aan de hand van de verschijnselen en het lichamelijk onderzoek kan een vermoedelijke diagnose worden gesteld. Ter bevestiging kan een keelswab worden genomen; hierbij wordt een monster verzameld vanuit de keel wat vervolgens wordt opgestuurd naar een laboratorium. Over het algemeen is dit echter niet nodig.

Behandeling
Indien er alleen sprake is van een virusinfectie heeft uw hond ondersteunende medicijnen nodig. Het virus zelf kan namelijk niet worden bestreden. Uw dier krijgt een hoeststillende en verzachtende hoestdrank. Daarnaast kan een slijmoplosser worden ingezet zodat het slijm wat ontstaat bij de ontsteking makkelijker kan worden opgehoest. Indien er sprake is van een bacteriële infectie heeft uw hond ook antibiotica nodig.

U kunt zelf al enkele ondersteunende maatregelen nemen. Een borsttuigje vermindert de druk op de keel en kan daardoor verlichting geven tijdens het uitlaten. Zacht voedsel schuurt minder door de keel en is daardoor prettiger om te eten. U kunt hiervoor blikvoer geven of de eigen brokken verweken met water.

Voorkomen
Beide virussen zijn opgenomen in de jaarlijkse vaccinatie. Daarnaast bestaat er nog een aparte vaccinatie tegen Bordetella bronchiseptica; deze wordt in de neus gedruppeld en biedt een jaar lang bescherming. Deze vaccinatie is vaak verplicht wanneer uw hond naar een kennel of pension gaat. Daarnaast is deze aan te raden wanneer uw hond veel contact heeft met andere honden. Met uw dierenarts kunt u dit overleggen. Een vaccinatie kan niet voorkomen dat uw hond ziek wordt, wel zullen de verschijnselen minder heftig zijn. U kunt ook dit filmpje over kennelhoest bekijken!