Gebitsafwijkingen

Honden en katten hebben snijtanden, hoektanden en kiezen. Deze elementen bestaan uit een kroon, een hals en één of meerdere wortels; alleen de kroon is zichtbaar. Elk element bestaat uit tandbeen met daarin het wortelkanaal. In het wortelkanaal lopen de zenuwen en bloedvaten. Ter hoogte van de kroon wordt het tandbeen omgeven door glazuur. Het gebit is een schaargebit: de tanden en kiezen van de bovenkaak vallen bij het sluiten van de bek net over die van de onderkaak heen.

Net als mensen hebben honden en katten een melkgebit. Het wisselen begint op ongeveer 3 maanden leeftijd en verloopt van voor naar achter. Het blijvende gebit is vanaf 6 maanden volledig aanwezig.

Aangeboren afwijkingen

Verkeerde stand van het melkgebit
Als melktanden en –kiezen niet op goed op hun plek staan kunnen ze het doorkomen van het blijvende gebit belemmeren. Daarnaast kunnen deze elementen pijnlijk in de wang of in het verhemelte prikken. Bij heftige standafwijkingen kan zelfs de groei van de kaak worden belemmerd. In dat geval moet het melkelement worden getrokken. Het knippen van een tand of kies is geen oplossing! Dit is zeer pijnlijk omdat het wortelkanaal open komt te liggen en de zenuw wordt blootgelegd. Bacteriën kunnen gemakkelijk het tandbeen binnendringen en hier een ontsteking veroorzaken. De nieuwe tand kan hierdoor ook worden aangetast.

Verkeerde stand van het blijvende gebit
Met name bij kleine hondenrassen zien we vaak een afwijkende stand van het blijvende gebit. Dit komt doordat er in de kleine kaak te weinig ruimte is voor alle elementen. Ook bij grotere rassen met een korte snuit komt dit vaak voor. Tussen de tanden en kiezen kan gemakkelijk tandplaque ontstaan, wat kan leiden tot het ontstaan van tandsteen en tandvleesontsteking. Soms is het nodig de afwijkende elementen te verwijderen, maar gelukkig is dit niet altijd het geval.

Verkeerde stand van de kaken
Voor sommige rassen is het een onderdeel van de rasstandaard dat de onderkaak verder naar voor staat dan de bovenkaak; dit heet een onder voorbeet. Soms is juist de bovenkaak langer dan de onderkaak; dit heet een boven voorbeet. Dit is geen onderdeel van een rasstandaard maar komt wel voor. Soms hebben deze dieren moeite met eten en drinken; zij kunnen erg knoeien. Wanneer de tanden of kiezen door deze afwijking pijnlijk in de wang of het verhemelte prikken zullen deze moeten worden verwijderd.

Dubbele tanden
Bij kleine rassen komt het relatief vaak voor dat de snij- en/of hoektanden niet worden gewisseld. Het blijvende element groeit dan naast het melkelement. Hiertussen hoopt zich voedsel op en waardoor tandplaque, tandsteen en een slechte adem ontstaat. Daarnaast wordt het blijvende element in een verkeerde stand geduwd. Controleer daarom of het wisselen bij uw dier normaal verloopt. Indien dit niet het geval is moet het melkelement op tijd worden verwijderd.

Ontbrekende elementen
Soms is een tand wel aanwezig maar komt niet door. In dat geval kan een cyste ontstaan in het kaakbot. Dit kan pijnlijk zijn; indien dit het geval is moet het element worden verwijderd. Dit komt zelden voor.

Glazuurbeschadiging
Door een tekort aan voedingsstoffen tijdens de dracht of na de geboorte kan het glazuur beschadigd worden. Ook door infecties of door medicatie kan dit ontstaan. Soms ontstaat dit door een beschadiging of ontsteking van de melktand.

Verkregen gebitsafwijkingen

Ontstekingen
Als het gebit niet goed wordt onderhouden zal tandplaque en tandsteen ontstaan. Dit veroorzaakt vervolgens ontsteking van het tandvlees. Door de ontsteking wordt het tandvlees rood, zwelt op en bloedt makkelijk. Daarnaast kunnen de wortels gaan ontsteken, waarna de tanden en kiezen los gaan zitten en verloren gaan. Dit is erg pijnlijk en kan ook ontstekingen elders in het lichaam veroorzaken.

Afgebroken tand of kies
Wanneer een tand of kies afbreekt kan het wortelkanaal open komen te liggen. Dit kan ook ontstaan door een scheur in het element of als alleen een splinter afbreekt. Via het wortelkanaal kunnen bacteriën binnendringen en zo een ontsteking van de wortel veroorzaken. Dit is erg pijnlijk. Soms is het mogelijk het element te herstellen; dit is vooral belangrijk wanneer uw hond het element nog nodig heeft voor bijvoorbeeld pakwerk. Als het niet te herstellen is moet het element vaak worden verwijderd.

Verkleuring
Als een element plots verkleurt kan dit duiden op een bloeding of ontsteking in het wortelkanaal. Als het element langzamer verkleurt betekent dit dat de wortel dood is. Ook sommige medicijnen kunnen verkleuring veroorzaken. Soms is het erfelijk.

Slijtage
Tanden en kiezen slijten door kauwen op voedsel, stenen, balletjes en dergelijke. Dit geeft meestal geen problemen omdat het geleidelijk gebeurt. Wanneer het echter te snel gebeurt kan het wortelkanaal open komen te liggen. In dat geval is een behandeling noodzakelijk.

Woekeringen van het tandvlees
Epuliden zijn goedaardige woekeringen van het tandvlees. Over het algemeen veroorzaken deze geen problemen, maar tussen epuliden en de elementen kan wel voedsel ophopen of ontstekingen ontstaan. Daarnaast kunnen ze in de weg zitten door hun grootte, waardoor uw dier de epulide kapot bijt. Dit kan pijnlijk zijn. Wanneer uw dier er last van heeft kunnen deze onder narcose worden verwijderd. Het komt vooral veel voor bij Boxers of bij andere honden met een korte snuit. Er zijn ook kwaadaardige woekeringen van het tandvlees; deze kunnen beter zo snel mogelijk worden verwijderd.